ECLI:NL:RBGRO:2008:BD0534
Rechtbank Groningen
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot verwijderen windgong wegens overlast na slaapkamerverplaatsing
Eisers wonen op een adres waar zij eind 2007 hun slaapkamer intern verplaatsten naar de achterzijde van hun woning. Sindsdien ervaren zij hinder van een windgong die bij gedaagden al circa tien jaar hangt aan de erfgrens. Eisers stellen dat het tonaal geluid van de windgong hen uit de slaap houdt, wat heeft geleid tot uitval op het werk. Gedaagden betwisten de overlast en benadrukken het rustgevende effect van de windgong voor hun chronisch zieke dochter die haar slaapkamer aan de achterzijde heeft.
De voorzieningenrechter overweegt dat de hinderbeoordeling afhankelijk is van aard, ernst en duur van de hinder en de omstandigheden van het geval. Een akoestisch onderzoek ontbreekt en de subjectieve beleving van partijen is niet doorslaggevend. De stelling van werkuitval is onvoldoende onderbouwd met verifieerbare gegevens.
De rechter maakt een belangenafweging: enerzijds de slaapproblemen van eisers, anderzijds het belang van gedaagden en hun dochter bij het geluid van de windgong. Gelet op het feit dat de windgong al lange tijd hangt en de problemen pas ontstonden na de slaapkamerverplaatsing, heeft eiser het risico aanvaard. Daarom wordt de vordering tot verwijdering van de windgong afgewezen. Eisers worden veroordeeld in de proceskosten van gedaagden.
Uitkomst: De vordering tot verwijdering van de windgong wordt afgewezen en eisers worden veroordeeld in de proceskosten.