ECLI:NL:RBGRO:2008:BQ7662
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbinding huurovereenkomst en betaling achterstallige huur wegens niet-nakoming huurder
Q. exploiteerde jarenlang een bloemenzaak en verkocht deze in 2006 aan A., die het pand huurde. In oktober 2007 onderhandelden Q. en R. over huur van het pand, wat leidde tot een contract met ingang per 1 januari 2008. R. stelde dat de overeenkomst niet tot stand kwam vanwege niet-nakoming en dwaling.
De kantonrechter kwalificeert de rechtsverhouding als een huurovereenkomst conform artikel 7:201 BW Pro juncto 7:290 BW, ondanks dat partijen nog onderhandelden over details. R. was in verzuim door niet tijdige betaling en ontbinding van de overeenkomst wegens overschrijding fatale termijn faalt, evenals zijn beroep op dwaling en bedrog.
De huurovereenkomst wordt ontbonden met ingang van 1 januari 2009. R. wordt veroordeeld tot betaling van achterstallige huur vanaf 1 februari 2008 tot ontbinding en de proceskosten. De schadevergoeding wegens toekomstige huurderving wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing en gebrek aan schadebeperking.
Uitkomst: Huurovereenkomst ontbonden per 1 januari 2009 en huurder veroordeeld tot betaling van achterstallige huur en proceskosten.