ECLI:NL:RBGRO:2009:BJ7524
Rechtbank Groningen
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Weigering mentor om namens meerderjarige cliënten bezwaar te maken tegen indicatiebesluiten
Twee meerderjarige zussen met psychiatrische aandoeningen en een ontwikkelingsachterstand wonen bij hun ouders. Zij hebben een mentor die namens hen optreedt. De zussen wilden bezwaar maken tegen indicatiebesluiten van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) over de toekenning van zorg en vroegen hun mentor om namens hen bezwaar te maken. De mentor weigerde dit omdat niet was gebleken dat de gevraagde extra zorg in hun belang zou zijn.
De rechtbank overweegt dat op grond van artikel 1:450 en Pro 1:453 BW een mentor meerderjarigen vertegenwoordigt die hun belangen niet zelf kunnen behartigen, maar de wet voorziet niet in vervangende toestemming als een mentor weigert een rechtshandeling te verrichten. De zussen hebben geprobeerd vervangende toestemming te verkrijgen, maar dit is afgewezen.
De voorzieningenrechter stelt vast dat de mentor op goede gronden heeft geweigerd en dat onvoldoende is gebleken dat haar beslissing niet in het belang van de zussen is. Ook is meegewogen dat de zussen niet zelf zijn verschenen en hun advocaat hen niet heeft gesproken. De vordering wordt afgewezen en de zussen worden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering om de mentor te dwingen bezwaar te maken tegen de indicatiebesluiten wordt afgewezen.