ECLI:NL:RBGRO:2012:BX0944
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A. Houtman
- Rechtspraak.nl
Vernietiging invorderingsbesluit dwangsommen wegens gebrek aan handhavingsgrondslag Wko
Eiseres kreeg een last onder dwangsom opgelegd wegens het overschrijden van de maximale groepsgrootte in de babygroep, conform de Wet kinderopvang (Wko) en beleidsregels. Na constatering van de overtreding werd een dwangsom van €4.000,- opgelegd en ingevorderd.
Eiseres stelde dat de overtreding niet juist was vastgesteld en dat de handhaving niet kon worden gebaseerd op de beleidsregels, wat werd ondersteund door een recente uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De rechtbank stelde vast dat eiseres de last onder dwangsom niet had bestreden, waardoor de overtreding als gegeven werd aangenomen.
Toch oordeelde de rechtbank dat vanwege bijzondere omstandigheden, waaronder het ontbreken van een wettelijke grondslag in de Wko en beleidsregels voor handhaving van de groepsgrootte, de invordering van de dwangsommen niet redelijk was. Daarom werd het bestreden besluit vernietigd en het primaire besluit herroepen.
Daarnaast werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en proceskosten aan eiseres. De uitspraak benadrukt het belang van een duidelijke wettelijke grondslag voor bestuursrechtelijke handhaving.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit en het primaire besluit worden vernietigd en herroepen.