Uitspraak
200707183/1. De rechtbank heeft derhalve aan een onjuist criterium getoetst en het besluit op bezwaar van 5 januari 2010 ten onrechte in strijd met artikel 7:12 van Pro de Awb geacht. Het betoog slaagt.
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Enschede legde op 19 juni 2009 aan Kidsstop bestuurlijke boetes van €33.000 en lasten onder dwangsom op wegens overtredingen van de Wet kinderopvang (Wko). Kidsstop maakte bezwaar tegen deze besluiten, dat ongegrond werd verklaard. De rechtbank Almelo vernietigde het besluit voor zover het de lasten onder dwangsom betrof en verklaarde het beroep van Kidsstop gegrond.
Kidsstop en het college stelden hoger beroep in bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak verklaarde zich onbevoegd om kennis te nemen van het hoger beroep van Kidsstop over de bestuurlijke boetes, omdat deze onder de bevoegdheid van het College van Beroep voor het bedrijfsleven vallen. Het hoger beroep van het college tegen de lasten onder dwangsom werd wel behandeld.
De Afdeling oordeelde dat de lasten onder dwangsom die betrekking hadden op overtredingen van beleidsregels niet rechtsgeldig waren opgelegd, omdat beleidsregels geen wettelijke voorschriften zijn. De lasten onder dwangsom wegens het ontbreken van de vereiste verklaring omtrent gedrag waren echter wel terecht opgelegd. De uitspraak van de rechtbank werd vernietigd voor zover deze lasten onder dwangsom betrof en het beroep van het college werd gegrond verklaard. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van de door Kidsstop gemaakte kosten van bezwaar.
Uitkomst: Het hoger beroep van Kidsstop wordt niet behandeld wegens onbevoegdheid en het hoger beroep van het college wordt gegrond verklaard met vernietiging van de uitspraak voor zover lasten onder dwangsom betreft.