ECLI:NL:RBGRO:2012:BX6340
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verlenging machtiging gesloten jeugdzorg ondanks ontbrekende instemming gedragswetenschapper
De rechtbank Groningen behandelde een verzoek tot verlenging van de machtiging tot plaatsing van een minderjarige in een accommodatie voor gesloten jeugdzorg. De gedragswetenschapper had geen instemmingsverklaring afgegeven, wat volgens artikel 29b, lid 5 van de Wet op de jeugdzorg (Wjz) vereist is voor verlenging.
De gedragswetenschapper stelde dat er sprake was van opvang, maar geen behandeling, terwijl de minderjarige en zijn advocaat dit betwistten. De rechtbank oordeelde dat de gesloten setting met vaste structuur en behandelplan wel degelijk een vorm van behandeling biedt. De minderjarige vertoonde positieve ontwikkelingen binnen deze setting.
Hoewel de wettelijke vereiste instemming van de gedragswetenschapper ontbrak, vond de rechtbank dat strikte toepassing van de Wjz niet in het belang van de minderjarige was, mede gelet op artikel 3, lid 1 van het Verdrag inzake de rechten van het kind (IVRK). Er waren geen geschikte alternatieven beschikbaar en plaatsing bij de grootmoeder werd als risicovol gezien.
De rechtbank besloot daarom de machtiging tot gesloten plaatsing te verlengen tot aan de meerderjarigheid van de minderjarige, met het oog op passende begeleiding en voorbereiding op een toekomstige woonvorm.
Uitkomst: De machtiging tot gesloten jeugdzorg is verlengd tot aan de meerderjarigheid van de minderjarige ondanks het ontbreken van instemming van de gedragswetenschapper.