ECLI:NL:RBHAA:2005:AZ3663
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.J. Roke
- Rechtspraak.nl
Geen herziening van gezamenlijke inkomensverdeling na onherroepelijke aanslag partner
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen de aanslag inkomstenbelasting 2003 waarbij de betaalde premies voor lijfrenten niet in aftrek werden toegelaten, en verzocht om wijziging van de verdeling van de gezamenlijke inkomensbestanddelen met zijn fiscale partner. De partner van eiser had al een onherroepelijke aanslag voor dat jaar zonder bezwaar.
De rechtbank overweegt dat op grond van artikel 2.17, derde lid van de Wet IB 2001 de gekozen onderlinge verhoudingen tussen fiscale partners slechts kunnen worden herzien tot het moment dat de aanslag van een van hen onherroepelijk vaststaat. Omdat de aanslag van de partner van eiser al onherroepelijk was, is herziening niet mogelijk.
Eiser stelde dat dit tot een willekeurige aanslagregeling leidt, maar de rechtbank wijst dit af omdat de partner de mogelijkheid had bezwaar te maken. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en handhaaft de aanslag zoals vastgesteld door de Belastingdienst.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat herziening van de gezamenlijke inkomensverdeling niet mogelijk is na onherroepelijke aanslag van de partner.