ECLI:NL:RBHAA:2006:AX1808
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot ontbinding arbeidsovereenkomst wegens vermeende werkweigering
De werknemer, sinds 2002 in dienst als slagwerkdocent, meldde zich op 3 januari 2006 ziek met knieklachten. De werkgever verzocht ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens werkweigering, omdat de werknemer weigerde passende arbeid te verrichten ondanks uitnodigingen en aangeboden voorzieningen.
De verzuimbegeleiding was echter niet verzorgd door een zelfstandig gecertificeerde arbodienst, maar door een bedrijf dat gebruikmaakte van de certificering van een ander. Hierdoor kon niet worden vastgesteld dat de werknemer na 3 januari 2006 in staat was tot werkhervatting. De bedrijfsarts zag de werknemer pas op 15 maart 2006 en achtte hem gedeeltelijk inzetbaar.
De kantonrechter oordeelde dat geen dringende reden voor ontbinding bestond, omdat werkweigering niet was bewezen. Ook was onvoldoende aannemelijk dat de arbeidsrelatie zodanig verstoord was dat samenwerking onmogelijk was. De werkgever werd geacht zich als goed werkgever te herpakken. Het verzoek tot ontbinding werd afgewezen en partijen droegen ieder hun eigen proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens werkweigering wordt afgewezen.