ECLI:NL:RBHAA:2006:AZ1213
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging aansprakelijkstelling op grond van artikel 34 Invorderingswet wegens onvoldoende bewijs inlening personeel
Eiseres, een distributie- en logistiek bedrijf, werd aansprakelijk gesteld voor de belastingschuld van A, een vervoerder die failliet ging. Verweerder baseerde de aansprakelijkstelling op artikel 34 Invorderingswet Pro, stellende dat personeel van A onder toezicht van eiseres werkte.
De rechtbank oordeelde dat verweerder onvoldoende feitelijke onderbouwing leverde voor de stelling dat sprake was van inlening van personeel. Er was geen onderzoek gedaan naar de feitelijke werkwijze en het enkele gesprek met de directeur van A bood onvoldoende inzicht. Het Handboek Chauffeur, dat deels op de chauffeurs van A van toepassing was, toonde niet aan dat zij onder leiding van eiseres stonden.
Daarom werd het beroep van eiseres gegrond verklaard, de uitspraken op bezwaar en de beschikkingen aansprakelijkstelling vernietigd. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten van eiseres. De uitspraak werd gedaan door mr. A.A. Fase, mr. S.C.W. Douma en mr. E. Jochem op 30 oktober 2006.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de aansprakelijkstelling wegens onvoldoende bewijs van inlening personeel onder toezicht van eiseres.