ECLI:NL:RBHAA:2007:BB3281
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-onderbouwde naheffingsaanslag BPM wegens vermeende kilometertelleronderbreker
Eiser was tussen 1998 en 2001 werkzaam als taxichauffeur met een Mercedes-Benz die hij gebruikte voor taxivervoer. Verweerder legde een naheffingsaanslag BPM en een boete op vanwege het vermoeden dat in de auto een kilometertelleronderbreker was ingebouwd, wat het gebruik voor taxivervoer zou verminderen.
Verweerder baseerde dit vermoeden op verklaringen van taxichauffeurs, bedrijfsagenda's en verklaringen van medewerkers van het inbouwbedrijf. Eiser ontkende het laten inbouwen van een kilometertelleronderbreker en voerde aan dat de aanduiding 'diversen' in de agenda ook andere werkzaamheden kon betreffen. De rechtbank oordeelde dat verweerder onvoldoende bewijs had geleverd voor de aanwezigheid van een onderbreker.
Daarnaast stelde eiser dat hij de auto voor ten minste 90 procent voor taxivervoer gebruikte en onderbouwde dit met rittenkaarten en een achteraf opgemaakte kilometeradministratie. Ondanks enkele administratieve gebreken vond de rechtbank deze administratie voldoende geloofwaardig.
De rechtbank vernietigde daarom de naheffingsaanslag en boetebeschikking en gelastte vergoeding van het betaalde griffierecht. Het beroep van eiser werd gegrond verklaard.
Uitkomst: De naheffingsaanslag en boetebeschikking BPM worden vernietigd wegens onvoldoende bewijs van ingebouwde kilometertelleronderbreker en aannemelijk gebruik van de auto voor taxivervoer.