ECLI:NL:RBHAA:2007:BG1494
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.M. van Amsterdam
- Rechtspraak.nl
Vrijstelling premie volksverzekeringen en vertrouwensbeginsel bij aanslag 2002
Eiser heeft bij de aangifte over 2002 een beroep gedaan op de vrijstelling van premie volksverzekeringen op grond van artikel 12, eerste lid, van het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1999 (BUB). De Belastingdienst stelde echter dat eiser voor het hele jaar premieplichtig was.
Eiser heeft het oorspronkelijke standpunt dat hij de vrijstelling kon toepassen verlaten, mede door een uitspraak van de Hoge Raad. Zijn beroep richt zich nu op het vertrouwensbeginsel, omdat de Belastingdienst in eerdere jaren het standpunt innam dat de vrijstelling van toepassing was. De rechtbank stelt vast dat de Belastingdienst dit vertrouwen pas in april 2003 heeft opgezegd, wat niet met terugwerkende kracht kan gelden voor 2002.
Voor de periode dat eiser in India werkte (1 januari tot 19 januari 2002) geldt het gewekte vertrouwen, waardoor vrijstelling van premieheffing van toepassing is. Voor de periode in Italië (20 januari tot 3 november 2002) is relevant of de afgifte van een E-101 detacheringsverklaring dit vertrouwen doorbreekt. De rechtbank oordeelt dat de Belastingdienst onvoldoende heeft bewezen dat eiser wist of had moeten weten dat deze verklaring ook belastingplicht in Nederland inhield.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vermindert de premieheffing en veroordeelt de Staat in de proceskosten van eiser.
Uitkomst: De rechtbank vermindert de premieheffing over 2002 op basis van het vertrouwensbeginsel en vernietigt de bestreden uitspraak.