ECLI:NL:RBHAA:2007:BI1637
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op gelijkheids- en vertrouwensbeginsel inzake reiskostenaftrek wethouders en gedeputeerden
Eiser, werkzaam in 2005 bij twee werkgevers en met resultaat uit overige werkzaamheden, wilde reiskosten als beroepskosten aftrekken op grond van een onjuiste fiscale kwalificatie die voor wethouders en gedeputeerden gold. Deze groep mocht tot 1 januari 2006 gemaakte reiskosten aftrekken vanwege een onjuiste uitvoeringspraktijk die voortvloeide uit het duale stelsel en de statuswijziging van deze functionarissen.
Eiser voerde aan dat het gelijkheidsbeginsel en vertrouwensbeginsel hem ook recht zouden geven op deze aftrek, omdat het beleid bewust begunstigend zou zijn of omdat het onverwijld beëindigd had moeten worden. De rechtbank oordeelde dat de begunstigende behandeling van wethouders en gedeputeerden niet voortkwam uit bewust beleid, maar uit een onjuiste rechtsopvatting in de uitvoeringspraktijk. Eiser behoorde niet tot de groep die hiervan profiteerde.
Verder stelde de rechtbank dat het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalt omdat er een objectieve en redelijke rechtvaardiging bestond om de positie van wethouders en gedeputeerden anders te behandelen. Ook het beroep op het vertrouwensbeginsel werd verworpen omdat verweerder geen verwachtingen had gewekt die tot een beschermd vertrouwen konden leiden.
De rechtbank verklaarde het beroep van eiser ongegrond en wees proceskostenveroordeling af. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Amsterdam.
Uitkomst: Het beroep van eiser op het gelijkheidsbeginsel en vertrouwensbeginsel wordt ongegrond verklaard.