ECLI:NL:RBHAA:2008:BD2855
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.J.A.M. van Brussel
- A.C.M. Rutten
- M.J.S. Korteweg - Wiers
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bestuurlijke boete voor overtredingen Arbeidstijdenwet zonder strijd met legaliteits- en proportionaliteitsbeginsel
Eiser kreeg een bestuurlijke boete van €16.390 opgelegd wegens overtredingen van de Arbeidstijdenwet in de periode van 29 augustus tot 9 oktober 2005. Hij stelde onder meer dat de boete in strijd was met het legaliteitsbeginsel, dat de minister niet bevoegd was tot boeteoplegging, en dat de inspecteur ten onrechte opsporingshandelingen had verricht.
De rechtbank oordeelde dat de overtredingen ten tijde van het handelen beboetbaar waren en dat het legaliteitsbeginsel niet was geschonden. De inspecteur voerde toezicht uit en geen opsporing, wat binnen zijn bevoegdheid viel. De minister was bevoegd tot boeteoplegging omdat het beboeten van overtredingen binnen het doel van het voorkomen van ernstig gevaar valt.
Verder was er geen sprake van strijd met het motiverings-, proportionaliteits- of evenredigheidsbeginsel. De boete was conform beleidsregels opgelegd en er waren geen bijzondere omstandigheden die afwijking rechtvaardigden. Ook de procedure was zorgvuldig verlopen, en de rechtbank verwierp de overige bezwaren van eiser.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de boete bleef in stand. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de rechtbank Haarlem op 1 april 2008.
Uitkomst: Het beroep tegen de bestuurlijke boete van €16.390 wegens overtredingen van de Arbeidstijdenwet is ongegrond verklaard.