ECLI:NL:RBHAA:2008:BG3574
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor uitkeringsfraude door verzwijging inkomsten tijdens WAO-uitkering
Verdachte, voorzitter van een stichting, werd beschuldigd van uitkeringsfraude door in de periode van juli 2000 tot december 2005 opzettelijk werkzaamheden en inkomsten te verzwijgen aan het UWV, terwijl hij een WAO-uitkering ontving.
De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte niet alleen werkzaamheden verrichtte en betalingen ontving, maar ook bewust had nagelaten deze gegevens te melden, wat leidde tot onjuiste vaststelling van zijn arbeidsongeschiktheidspercentage en onterecht ontvangen uitkeringen.
Bewijsmateriaal bestond uit verhoren van verdachte en getuigen, waaronder verklaringen over betalingen en bankrekeningen, alsmede officiële documenten zoals KvK-uittreksels en WAO-beschikkingen.
De rechtbank hield rekening met overschrijding van de redelijke termijn en legde een gevangenisstraf van 10 maanden op, met aftrek van eerder door verdachte doorgebrachte tijd in verzekering. Verdachte werd vrijgesproken van overige tenlastegelegde feiten die niet bewezen konden worden.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een gevangenisstraf van tien maanden wegens uitkeringsfraude.