ECLI:NL:RBHAA:2009:BI8561
Rechtbank Haarlem
- Kort geding
- F.J.P. Veenhof
- Rechtspraak.nl
Ontslagvordering werknemer na reorganisatie afgewezen wegens gebrek aan spoedeisend belang
Werknemer, werkzaam als Hoofd Belastingen, verzocht in kort geding om terugkeer in oude functie of benoeming tot vakgroepmanager na reorganisatie waarbij zijn functie verviel. Hij stelde dat werkgever onvoldoende medewerking verleende bij het vinden van een passende functie en dat zijn functie eenzijdig was gewijzigd. Werkgever betwistte dit en voerde aan dat de functie was komen te vervallen en dat werknemer niet geschikt was voor de nieuwe functie.
De kantonrechter oordeelde dat de functie van werknemer inderdaad was vervallen door reorganisatie, maar dat werkgever onvoldoende en te laat had gehandeld om een passende functie aan te bieden. Desondanks werd de vordering tot herstel van de oude functie afgewezen omdat die functie niet meer bestond en de functie van vakgroepmanager niet vacant was.
De subsidiaire vordering om de werkgever te bevelen een ontbindingsverzoek in te dienen werd niet-ontvankelijk verklaard omdat werknemer zelf een dergelijk verzoek kan indienen. De kantonrechter compenseerde de proceskosten en wees verdere behandeling af.
De uitspraak benadrukt het belang van een werkgever om tijdig passende oplossingen te bieden bij reorganisaties, maar bevestigt ook dat een werknemer zelf het initiatief moet nemen bij ontbindingsverzoeken.
Uitkomst: Werknemer wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn vordering tot ontbinding en vordering tot herstel wordt afgewezen.