ECLI:NL:RBHAA:2009:BK4826
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid Nederlandse rechter bij geschil over plaats van betaling en levering in internationale koopovereenkomst
In deze civiele zaak vordert Punch Metals N.V. dat de rechtbank zich onbevoegd verklaart om kennis te nemen van de vorderingen van Internationaal Toeleveringsbedrijf van Metaalwaren (ITM). Punch stelt dat de Belgische rechter bevoegd is omdat de leveringsverplichting volgens haar in België, te Hamont-Achel, diende te worden uitgevoerd.
De rechtbank oordeelt dat de kern van de vordering van ITM ziet op de betalingsverplichtingen uit hoofde van de tussen partijen geldende (duur)overeenkomst en niet op de levering van goederen. Omdat partijen niet zijn overeengekomen waar de goederen geleverd moesten worden, is de plaats van betaling bepalend voor de bevoegdheid van de rechter.
Op grond van artikel 57 van Pro het Weens Koopverdrag moet Punch de betalingen doen op de vestigingsplaats van ITM, te weten Badhoevedorp in Nederland. Dit betekent dat de rechtbank Haarlem bevoegd is. De vordering van Punch tot onbevoegdverklaring wordt daarom afgewezen en Punch wordt veroordeeld in de proceskosten van het incident.
De rechtbank wijst tevens het verweer van ITM af dat Punch niet-ontvankelijk zou zijn wegens berusting in het verstekvonnis en dat het beroep op onbevoegdheid te laat zou zijn gedaan. Punch heeft haar exceptie tijdig en correct ingebracht. De zaak wordt verwezen naar de rol voor verdere behandeling.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich bevoegd en wijst de vordering tot onbevoegdverklaring van Punch af.