ECLI:NL:RBHAA:2010:BL5222
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke procedure over verzoek schriftelijk verslag raadscommissie
Eiser verzocht om een schriftelijk verslag van de raadscommissie Ruimte van 8 juni 2009, nadat hij onjuiste uitspraken van een wethouder had gesignaleerd. Het college van burgemeester en wethouders (B&W) en de burgemeester weigerden dit verzoek in schriftelijke vorm te honoreren, verwijzend naar een audioverslag dat beschikbaar was.
Eiser maakte bezwaar tegen deze weigering, maar het college en de burgemeester verklaarden het bezwaar niet-ontvankelijk. De rechtbank oordeelt dat de brief van het college van B&W geen besluit in de zin van de Awb bevatte en dat het bezwaar tegen deze brief terecht niet-ontvankelijk werd verklaard. Echter, de burgemeester had niet tijdig beslist op het verzoek, waardoor het bezwaar tegen het niet-beslissen ten onrechte niet-ontvankelijk werd verklaard.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond voor zover het gericht is tegen het besluit van het college van B&W, maar gegrond tegen het besluit van de burgemeester. De rechtbank vernietigt het besluit van de burgemeester en bepaalt dat zowel het college van B&W als de burgemeester binnen vier weken na verzending van de uitspraak alsnog een beslissing moeten nemen op het verzoek om het schriftelijk verslag. Tevens wordt het betaalde griffierecht aan eiser vergoed.
Uitkomst: Het beroep is deels gegrond; het besluit van de burgemeester wordt vernietigd en beide bestuursorganen moeten binnen vier weken alsnog beslissen op het verzoek om een schriftelijk verslag.