ECLI:NL:RBHAA:2010:BM0249
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling waardering aandelen bij schenking en toepassing hardheidsclausule in successierecht
Eiseres ontving op 10 juni 2008 een schenking van aandelen van haar moeder en deed aangifte voor het recht van schenking. De aanslag werd opgelegd op basis van de slotnotering van de aandelen op de laatste beursdag voorafgaand aan de verkrijging, conform artikel 21, derde lid, van de Successiewet 1956.
Eiseres voerde aan dat vanwege de kredietcrisis de aandelen lager gewaardeerd moesten worden en dat toepassing van de hardheidsclausule gerechtvaardigd was. Tevens stelde zij dat het gelijkheidsbeginsel werd geschonden omdat spaarders bij IJslandse banken wel werden gecompenseerd.
De rechtbank oordeelde dat de waardering van courante effecten dwingend is voorgeschreven en geen ruimte laat voor andere factoren. De hardheidsclausule is uitsluitend toepasbaar door de staatssecretaris van Financiën en niet toetsbaar door de belastingrechter. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde omdat de situaties niet vergelijkbaar zijn.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees op de mogelijkheid voor eiseres om zich tot de ontvanger te wenden voor verzoeken tot kwijtschelding, waartegen geen bezwaar of beroep bij de belastingrechter openstaat.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanslag schenkingsrecht wordt ongegrond verklaard en de aanslag blijft gehandhaafd.