ECLI:NL:RBHAA:2010:BO6464
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.N.A. Jolink
- J.M. Sassenburg
- P.M. Wamsteker
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens witwassen van contant geld op luchthaven Schiphol
Op 4 augustus 2010 werd verdachte bij een douanecontrole op luchthaven Schiphol aangehouden met bijna 20.000 euro contant geld, deels verborgen in zijn onderbroek. Verdachte verklaarde dat het geld afkomstig was uit zijn handel in goederen die hij vanuit Amsterdam naar Nigeria verscheepte, maar kon geen aannemelijke of verifieerbare verklaring geven over de omvang en winst van zijn handel.
De rechtbank oordeelde dat de door verdachte gegeven verklaringen onvoldoende waren om de herkomst van het geld te rechtvaardigen. Ook de reisbewegingen van verdachte en de financiële transacties via Moneygram en Western Union konden niet overtuigend worden toegelicht. De rechtbank stelde vast dat het geld vermoedelijk uit een misdrijf afkomstig was en dat verdachte dit wist.
Verdachte voerde een formeel verweer over vormverzuim vanwege het niet tijdig geven van de cautie, maar dit werd verworpen omdat er pas een redelijk vermoeden van schuld ontstond na de antwoorden van verdachte op controlevragen. De rechtbank veroordeelde verdachte tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 60 dagen en verklaarde het geld verbeurd.
De uitspraak benadrukt de ernst van witwassen, het ondermijnen van het financieel verkeer en het belang van een concrete en verifieerbare verklaring voor de herkomst van grote geldbedragen. Verdachte werd vrijgesproken van overige tenlasteleggingen die niet bewezen konden worden.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 60 dagen gevangenisstraf en het geldbedrag van 19.985 euro is verbeurd verklaard.