ECLI:NL:RBHAA:2010:BR6588
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.J.J. Engel
- Th. Groeneveld
- H.A.J. Kroon
- Rechtspraak.nl
Ontvankelijkheid bezwaar en toepassing artikel 10d Wet vennootschapsbelasting 1969
Eiseres, een vennootschap die zich bezighoudt met het inlenen van gelden en het houden van deelnemingen, maakte bezwaar tegen de aanslag vennootschapsbelasting over 2004. De Belastingdienst had bij vaststelling van de aanslag en bijbehorende beschikkingen een bedrag van €51.561 aan niet-aftrekbare rente op grond van artikel 10d Wet Vpb 1969 in aanmerking genomen, terwijl eiseres dit niet had gedaan.
De rechtbank oordeelde dat het bezwaar tegen de aanslag tevens moest worden opgevat als bezwaar tegen de beschikking vaststelling verlies, en verklaarde het bezwaar ontvankelijk. De rechtbank verwierp het standpunt van eiseres dat het begrip 'vreemd vermogen' in artikel 10d alleen betrekking heeft op het gemiddelde van de verschuldigde geldleningen en niet op het saldo van verschuldigde en uitstaande geldleningen, en volgde daarmee de parlementaire uitleg.
Eiseres stelde ook dat artikel 10d in strijd is met het gelijkheidsbeginsel uit het EVRM en het IVBPR, maar de rechtbank oordeelde dat de wetgever binnen de ruime beoordelingsmarge bleef. Verder werd geoordeeld dat het begrip rente in artikel 10d uitsluitend ziet op rente verschuldigd over ingeleende gelden. De rechtbank stelde het niet-aftrekbare rente bedrag vast op €11.387 en het verlies op €25.261.
Het beroep tegen de navorderingsaanslag werd niet ontvankelijk verklaard omdat geen uitspraak op bezwaar was gedaan. De rechtbank vernietigde de uitspraak op bezwaar, wijzigde de beschikking vaststelling verlies, vernietigde de beschikking verrekening verliezen eerdere jaren, en veroordeelde verweerder tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, de verliesvaststelling gewijzigd naar €25.261 en de navorderingsaanslag niet-ontvankelijk verklaard.