ECLI:NL:RBHAA:2010:BZ8958
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over buitenlandse belastingplicht en administratie tekortkomingen
Eiser, handelaar in tweedehands legermateriaal, werd geconfronteerd met diverse belastingaanslagen door de Belastingdienst voor de jaren 2000 tot en met 2003, waaronder naheffingsaanslagen omzetbelasting en navorderingsaanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen. De kern van het geschil betrof de vraag of eiser in Nederland buitenlands belastingplichtig was en de juistheid van de opgelegde aanslagen.
De rechtbank stelde vast dat eiser zijn bedrijfsactiviteiten deels vanuit België verrichtte, maar dat hij in Nederland een opslagruimte had die als vaste inrichting werd aangemerkt. Dit leidde tot de conclusie dat eiser in Nederland belastingplichtig was voor de aan die vaste inrichting toe te rekenen winst. Daarnaast was er discussie over de betrouwbaarheid van de administratie van eiser. De rechtbank oordeelde dat de administratie ernstige tekortkomingen vertoonde, waardoor de bewijslast werd omgekeerd en verzwaard.
De rechtbank vernietigde de naheffingsaanslag omzetbelasting en de daarbij behorende heffingsrente, maar verklaarde de overige beroepen ongegrond. De correcties op de inkoopwaarden, privégebruik auto en telefoonkosten werden bevestigd. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan eiser. Het hoger beroep werd mogelijk gesteld.
Uitkomst: De naheffingsaanslag omzetbelasting wordt vernietigd, overige beroepen worden ongegrond verklaard en verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.