ECLI:NL:RBHAA:2011:BT1644
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak handel cocaïne en veroordeling voor bezit kleine hoeveelheid cocaïne
De rechtbank Haarlem heeft op 22 april 2011 uitspraak gedaan in een zaak tegen verdachte die werd verdacht van handel in cocaïne en het medeplegen van het aanwezig hebben van cocaïne. De rechtbank oordeelde dat niet wettig en overtuigend was bewezen dat verdachte zich schuldig had gemaakt aan handel in cocaïne, noch aan het medeplegen van het aanwezig hebben van vijfentwintig wikkels cocaïne die onder medeverdachte waren aangetroffen.
Wel werd vastgesteld dat verdachte op 16 juli 2010 te Heemskerk opzettelijk ongeveer 6,39 gram cocaïne bij zich had. Verdachte heeft deze feiten bekend en de rechtbank achtte dit bewezen op basis van onder meer de bekennende verklaring, proces-verbalen en een deskundigenrapport van het Nederlands Forensisch Instituut.
De rechtbank legde een gevangenisstraf van twee weken op, waarbij de tijd in voorlopige hechtenis in mindering werd gebracht. De hoeveelheid cocaïne was niet van dien aard dat zonder meer kon worden aangenomen dat deze bestemd was voor handel. Verdachte was niet eerder veroordeeld voor soortgelijke feiten. De in beslag genomen cocaïne werd ontrokken aan het verkeer en een aantal andere in beslag genomen goederen werden aan verdachte teruggegeven.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van handel en medeplegen, maar veroordeeld tot twee weken gevangenisstraf voor bezit van cocaïne.