ECLI:NL:RBHAA:2012:BV7993
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel niet ontvankelijk bij ontbreken veroordeling
De rechtbank Haarlem behandelde de vordering van het Openbaar Ministerie tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ter waarde van maximaal €13.000,- tegen verdachte, die was vrijgesproken van medeplegen van diefstal met geweld.
Uit jurisprudentie volgt dat een ontnemingsvordering niet ontvankelijk is indien geen veroordeling wegens een strafbaar feit in de hoofdzaak is uitgesproken. Dit is gebaseerd op artikel 511e lid 1 jo. artikel 348 van Pro het Wetboek van Strafvordering.
De rechtbank oordeelde daarom dat het ontbreken van een veroordeling in de hoofdzaak de ontvankelijkheid van de ontnemingsvordering in de weg staat. Het Openbaar Ministerie werd niet ontvankelijk verklaard in haar vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.
De beslissing werd genomen na meerdere openbare terechtzittingen en is gewezen door een meervoudige kamer van de rechtbank Haarlem op 5 maart 2012.
Uitkomst: Het Openbaar Ministerie is niet ontvankelijk verklaard in de vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel wegens het ontbreken van een veroordeling in de hoofdzaak.