ECLI:NL:RBHAA:2012:BW6153
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Verbouwingskosten op naam vennootschap vormen loon uit dienstbetrekking
De zaak betreft een geschil over naheffingsaanslagen loonbelasting/premie volksverzekeringen opgelegd aan X BV over de jaren 2001 tot en met 2004. De naheffingsaanslagen betreffen verbouwingskosten van de privéwoning van werknemer C, betaald door groepsvennootschappen binnen de Y-groep. Eiseres betwist dat deze kosten als loon uit dienstbetrekking moeten worden aangemerkt en dat zij inhoudingsplichtig is.
De rechtbank stelt vast dat C bestuurder was van de Y-groep en dat de verbouwingskosten met zijn instemming en medeweten door groepsvennootschappen zijn gedragen. De verklaringen van C bevestigen dat de verbouwing een beloningselement was verbonden aan zijn dienstbetrekking. De rechtbank oordeelt dat het voordeel onlosmakelijk verbonden is met de dienstbetrekking en derhalve als loon moet worden belast.
Verder wijst de rechtbank het verweer af dat de waarde van de woning niet in gelijke mate is gestegen als de verbouwingskosten, omdat de keuze van C over de aanwending van de gelden na het loonmoment plaatsvond. Ook het beroep op artikel 31 Wet Pro LB om het voordeel niet als nettoloon te beschouwen wordt verworpen, omdat geen bewijs is geleverd van verhaalmogelijkheden op C.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt daarmee de naheffingsaanslagen en de toepassing van brutering door verweerder.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de naheffingsaanslagen loonbelasting/premie volksverzekeringen.