ECLI:NL:RBHAA:2012:BW7343
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.J.P. Veenhof
- T.A.M. Tijhuis
- E.J. Bellaart
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van het bestaan van een agentuurovereenkomst tussen ANVR en luchtvaartmaatschappijen en geschil over commissie en goodwillvergoeding
De zaak betreft een geschil tussen de Algemene Nederlandse Vereniging van Reisondernemingen (ANVR) en diverse luchtvaartmaatschappijen over het bestaan van een agentuurovereenkomst en de rechten van reisagenten op commissie en goodwillvergoeding. ANVR vorderde onder meer dat de luchtvaartmaatschappijen onrechtmatig zouden hebben gehandeld door het afzien van vorderingen op grond van artikel 7:442 BW Pro en het eenzijdig verlagen van de commissie.
De rechtbank overwoog dat de nieuwe overeenkomsten niet als agentuurovereenkomst kwalificeren en dat het recht op goodwillvergoeding vóór het einde van de overeenkomst niet kan worden beperkt, maar partijen na beëindiging vrij zijn nieuwe afspraken te maken. Tevens oordeelde de rechtbank dat ANVR onvoldoende feiten had gesteld om misbruik van machtspositie of strijd met mededingingsrecht aan te tonen.
De rechtbank verwierp alle vorderingen van ANVR, waaronder de stellingen over het kartelverbod en redelijkheid en billijkheid, en veroordeelde ANVR in de proceskosten. De procedure werd voortgezet bij de sector kanton onder voorbehoud van hoger beroep.
Uitkomst: Alle vorderingen van ANVR worden afgewezen en zij wordt veroordeeld in de proceskosten.