ECLI:NL:RBHAA:2012:BW7659
Rechtbank Haarlem
- Voorlopige voorziening
- C.E. Heyning-Huydecoper
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening inzake gezamenlijke huishouding en intrekking Wwb-uitkering
Verzoekster ontvangt sinds november 2008 een Wwb-uitkering als alleenstaande. Na het huren van een kamer bij [naam] ontstond een onderzoek naar gezamenlijke huishouding. Verweerder stelde dat sprake was van gezamenlijke huishouding en trok de uitkering per 20 maart 2012 in. Verzoekster maakte bezwaar en vroeg een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter onderzocht of sprake was van financiële verstrengeling en wederzijdse zorg. Uit de feiten bleek dat de huurprijs marktconform was, betalingen gescheiden werden gedaan en er geen aanwijzingen waren voor financiële verstrengeling. De wederzijdse zorg beperkte zich tot gebruikelijke handelingen bij het delen van een woning en was eenzijdig van verzoekster naar [naam].
De voorzieningenrechter concludeerde dat geen gezamenlijke huishouding bestond en dat het besluit van verweerder daarom waarschijnlijk niet stand zal houden. Gezien het spoedeisend belang van verzoekster werd de voorlopige voorziening toegewezen, het besluit geschorst en verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: De voorlopige voorziening wordt toegewezen en het besluit tot intrekking van de Wwb-uitkering wordt geschorst.