ECLI:NL:RBHAA:2012:BX3674
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte in Vista-zaak wegens onvoldoende bewijs voorbereidingshandelingen cocaïne-invoer vanuit Polen
In de Vista-zaak heeft de rechtbank Haarlem verdachte vrijgesproken van het voorbereiden van invoer en verhandeling van cocaïne vanuit Polen wegens onvoldoende bewijs. De rechtbank oordeelde dat niet buiten redelijke twijfel vaststond dat de contacten, sms- en telefoongesprekken tussen verdachte en medeverdachten betrekking hadden op de ten laste gelegde feiten.
De verdediging voerde aan dat het infiltratietraject onder regie van de Amerikaanse DEA in Polen niet voldoende was onderzocht en dat het Openbaar Ministerie mogelijk betrokken was, wat een schending van het EVRM zou betekenen. De rechtbank stelde vast dat geen aanwijzingen waren voor betrokkenheid van het Nederlandse Openbaar Ministerie bij het infiltratietraject en dat er geen sprake was van schending van mensenrechten die het recht op een eerlijk proces zouden aantasten.
Ook het uitlokkingsverweer werd verworpen omdat de verdediging onvoldoende concrete aanwijzingen had aangedragen. Het Openbaar Ministerie werd ontvankelijk verklaard en de dagvaarding geldig bevonden. De rechtbank sprak verdachte vrij omdat het ten laste gelegde feit niet wettig en overtuigend was bewezen.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor betrokkenheid bij voorbereidingshandelingen cocaïne-invoer vanuit Polen.