ECLI:NL:RBLEE:2001:AD3411
Rechtbank Leeuwarden
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Toepassing art. 12 Waterstaatswet 1900 bij aanleg watergang en eigendomsoverdracht
Verzoeksters, een maatschap en een vereniging, stelden bezwaar tegen een besluit van Wetterskip Lauwerswâlden (rechtsopvolger van Waterschap Noorderzijlvest) tot aanleg en verbetering van een watergang over hun percelen. Het besluit is genomen op basis van art. 12 Waterstaatswet Pro 1900, waarbij grondgebruik wordt gewijzigd zonder volledige onteigening.
De vereniging was opgericht door leden van de maatschap, die ook bestuursleden van de vereniging zijn. De maatschap had de gronden overgedragen aan de vereniging met het oog op de procedure. Verzoeksters voerden aan dat de vereniging en maatschap niet vereenzelvigd kunnen worden en dat het besluit milieu- en eigendomsrechten schaadt.
De rechtbank oordeelt dat de maatschap en vereniging als gezamenlijke eigenaren moeten worden gezien, mede door de eigendomsoverdracht en bestuursstructuur. Het tracé-besluit uit 1997 is onherroepelijk en toepassing van art. 12 Waterstaatswet Pro is toegestaan omdat de benodigde grond slechts een klein deel van het geheel betreft en het gebruik van de rest van de percelen niet onbruikbaar wordt.
De vrees voor milieuschade door een bergbezinkbassin is niet aan de orde in deze procedure. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst het verzoek om voorlopige voorziening af, zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.