ECLI:NL:RBLEE:2005:AU5074
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van weigering rechtsbijstand op grond van vermogentoets en voortzetting bedrijf
Eisers, bestaande uit een natuurlijk persoon en haar vennootschap, hebben beroep ingesteld tegen de weigering van de raad voor rechtsbijstand om gesubsidieerde rechtsbijstand toe te kennen. De aanvraag betrof rechtsbijstand in procedures tegen een derde partij wegens geldvorderingen. De raad had voorlopige toevoegingen verleend, maar deze later met terugwerkende kracht ingetrokken op basis van financiële gegevens over het boekjaar 2002.
De rechtbank stelde vast dat de vermogens van eiseres en haar vennootschap geconsolideerd moesten worden, waarbij het eigen vermogen per 31 december 2002 circa €94.912 bedroeg, ruim boven de vermogensgrens voor toevoeging. Eisers voerden aan dat bepaalde vermogensbestanddelen niet in aanmerking genomen mochten worden en dat de slechte resultaten over 2003 mee moesten wegen, maar slaagden hier niet in.
De rechtbank oordeelde dat de wetgeving vereist dat de financiële situatie op het moment van aanvraag bepalend is en dat de voortzetting van het bedrijf niet afhankelijk was van het resultaat van de gevraagde rechtsbijstand. Gezien het ontbreken van concrete gegevens over kredietpositie en marktontwikkelingen kon niet worden vastgesteld dat het bedrijf zonder rechtsbijstand zou ondergaan.
Daarom was de weigering van de toevoeging terecht en werd het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van gesubsidieerde rechtsbijstand wordt ongegrond verklaard.