ECLI:NL:RBLEE:2005:AU6738
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging WW-uitkering wegens niet-beschikbaarheid voor arbeid bevestigd
Eiseres, werkzaam als huishoudelijk medewerkster en voormalig WAO-uitkeringsgerechtigde, betwistte de beëindiging van haar WW-uitkering door het UWV wegens het niet beschikbaar zijn voor meer dan acht uren werk per week. Zij stelde dat zij wel beschikbaar was voor werk binnen haar medische beperkingen en dat het UWV haar sollicitatieactiviteiten soepel had beoordeeld in afwachting van het resultaat van haar WAO-beroep.
De rechtbank stelde vast dat eiseres middels telefonische en schriftelijke verklaringen duidelijk had gemaakt dat zij niet beschikbaar was voor meer werk dan de acht uren die zij reeds werkte. Het UWV had de WW-uitkering daarom terecht beëindigd. De rechtbank oordeelde dat het begrip beschikbaarheid om arbeid te aanvaarden een feitelijke toestand betreft die aan de hand van concrete feiten en omstandigheden wordt beoordeeld, waaronder houding en gedrag van de betrokkene.
De rechtbank verwierp het betoog van eiseres dat het UWV haar mededelingen niet zorgvuldig had bezien en dat zij op grond van eerdere soepelheid mocht vertrouwen op voortzetting van de WW-uitkering. Er waren geen concrete toezeggingen gedaan die een gerechtvaardigde verwachting konden scheppen. Het beroep werd ongegrond verklaard en de WW-uitkering beëindigd per 12 juli 2004.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de beëindiging van haar WW-uitkering wegens niet-beschikbaarheid is ongegrond verklaard.