ECLI:NL:RBLEE:2007:BA8605
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gerechtelijke vaststelling vaderschap en kostenverdeling DNA-onderzoek
De vrouw verzocht de rechtbank om gerechtelijke vaststelling van het vaderschap van de man ten behoeve van hun minderjarige kind, geboren in 2006. Tevens vroeg zij alimentatie vast te stellen. De man ontkende het vaderschap, gebaseerd op emotionele sms-berichten van de vrouw, maar gaf geen concrete aanwijzingen dat hij niet de biologische vader is. De rechtbank benoemde een bijzondere curator en stelde een deskundige aan voor een DNA-onderzoek.
Tijdens de zitting met gesloten deuren werd vastgesteld dat het in het belang van het kind is om duidelijkheid te verkrijgen over het vaderschap. De rechtbank overwoog dat de man het vaderschap onvoldoende gemotiveerd heeft ontkend en dat de vrouw het verzoek tot vaststelling had ingediend. Daarom werd bepaald dat indien uit het DNA-onderzoek blijkt dat de man de biologische vader is, hij de kosten van het onderzoek dient te dragen. Indien hij niet de vader is, komen de kosten voor rekening van de vrouw.
De rechtbank gaf opdracht aan de deskundige om binnen zes weken een schriftelijk rapport te leveren en bepaalde dat partijen voortvarend contact dienen op te nemen met de deskundige. De zaak werd verwezen naar een pro forma zitting met gesloten deuren voor verdere behandeling na ontvangst van het rapport. De rechtbank hield iedere verdere beslissing aan in afwachting van het deskundigenrapport.
Uitkomst: De rechtbank gelast DNA-onderzoek en bepaalt dat de man de kosten draagt indien hij de biologische vader is.