ECLI:NL:RBLEE:2009:BI9650
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Matiging contractuele boete bij niet-nakoming koopovereenkomst woonboerderij
In deze zaak ging het om een koopovereenkomst voor een woonboerderij tussen eiseres en gedaagde, waarbij gedaagde de woning niet tijdig kon afnemen vanwege financiële problemen en vertraging in de verkoop van zijn eigen pand. De levering werd uitgesteld, maar uiteindelijk ontbrak de volledige betaling op de afgesproken datum. Eiseres ontbond de koopovereenkomst en vorderde betaling van een contractuele boete van 10% van de koopsom.
Gedaagde betwistte de vordering en verzocht om matiging van de boete, stellende dat eiseres geen schade had geleden omdat de woning later voor een hoger bedrag aan een derde was verkocht. De rechtbank stelde vast dat de tekortkoming aan gedaagde kon worden toegerekend, maar dat eiseres haar schade onvoldoende had onderbouwd. Bovendien was de boetebepaling niet specifiek besproken bij het sluiten van de overeenkomst.
De rechtbank oordeelde dat volledige toepassing van de boete zou leiden tot een buitensporig en onaanvaardbaar resultaat en matigde de boete daarom tot €10.000. Tevens werden de wettelijke rente en proceskosten toegewezen, waarbij een correctie werd gemaakt op het beslagrecht. De vordering voor het meerdere werd afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank matigt de contractuele boete tot €10.000 en veroordeelt gedaagde tot betaling met rente en proceskosten.