ECLI:NL:RBLEE:2011:BP1638
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Nietigheid proeftijdbeding en betaling achterstallig loon in arbeidsovereenkomst beveiligingsmedewerker
Eiseres was aanvankelijk werkzaam via een uitzendovereenkomst bij Van der Lei beveiliging, waarna zij na ontbinding van die overeenkomst in dienst trad bij VB Beveiliging, een handelsnaam van Visser. De arbeidsovereenkomst bij Visser bevatte een proeftijdbeding. Eiseres werd tijdens de proeftijd ontslagen, maar zij stelde dat het proeftijdbeding nietig was omdat Visser als opvolgend werkgever moest worden beschouwd.
De kantonrechter oordeelde dat de werkzaamheden, vaardigheden en verantwoordelijkheden bij Van der Lei en Visser wezenlijk hetzelfde waren en dat er zodanige banden tussen beide werkgevers bestonden dat het inzicht in de geschiktheid van eiseres ook aan Visser moest worden toegerekend. Hierdoor was het proeftijdbeding ongerechtvaardigd en nietig.
Omdat er geen dringende reden voor ontslag was gesteld, werd het ontslag als niet rechtsgeldig beschouwd en bleef de arbeidsovereenkomst doorlopen tot de overeengekomen einddatum. Visser werd veroordeeld tot betaling van loon, vakantietoeslag en niet-genoten vakantiedagen over de gehele periode, vermeerderd met wettelijke rente en een gematigde wettelijke verhoging. Tevens moest Visser een deugdelijke bruto/nettospecificatie en jaaropgave verstrekken. De vordering tot buitengerechtelijke incassokosten werd afgewezen.
Uitkomst: Het proeftijdbeding is nietig verklaard en Visser is veroordeeld tot betaling van achterstallig loon, vakantietoeslag en vakantiedagen aan eiseres.