Uitspraak
RECHTBANK Limburg
1.Het onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
- is gebleken dat de dagvaarding aan alle wettelijke eisen voldoet en dus geldig is;
- is gebleken dat de rechtbank krachtens de wettelijke bepalingen bevoegd is van het ten laste gelegde kennis te nemen;
- zijn geen gronden voor schorsing der vervolging gebleken.
- het chronisch en systematisch blootstellen van de onderzochte werknemers aan de zeer lange werkweken en series van werkdagen, in combinatie met de hoge fysieke en geestelijke arbeidsbelasting en wijze van belonen een extreme en onacceptabele arbeidslast indiceert;
- arbeidsgezondheidskundig bezien die arbeidsbelasting een bedreiging van de gezondheid is. Gezondheidsschade kan zich op korte termijn maar ook op langere termijn manifesteren.
- dienden in Nederland loonbelasting en premies volksverzekeringen te worden afgedragen voor de Poolse werknemers,
- dienden de werknemers te beschikken over een tewerkstellingsvergunning en een sofinummer te hebben,
- dienden de ziektekostenverzekeringen te zijn geregeld,
- dienden de werkzaamheden volgens de Nederlandse wet- en regelgeving te worden verricht en
- dienden de loonbetalingen volgens de CAO plaats te vinden.
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde en de kwalificatie
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De oplegging van straf en/of maatregel
8.De benadeelde partij
[slachtoffer 2], p/a [adres] ten kantore van Westendorp & Looman Advocaten vordert een schadevergoeding van € 2.733,69 netto en € 11.369,25 aan inkomstenderving en € 2.500,-- aan immateriële schade ter zake van het tenlastegelegde feit.
9.De wettelijke voorschriften
- verklaart het primair ten laste gelegde bewezen, zoals hierboven onder 4.4 is omschreven;
- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 5.2 is omschreven;
- verklaart verdachte strafbaar;
een gevangenisstraf van 4 maanden;
een proeftijd van één jaar de algemene voorwaarde heeft overtreden;
stelt als algemene voorwaarde dat de verdachtezich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit,
taakstraf voor de duur van 120 uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast van 60
dagen;
Benadeelde partij en schadevergoedingsmaatregel
benadeelde partij [slachtoffer 2], [adres]ten kantore van Westendorp & Looman Advocaten, niet ontvankelijk in haar vordering, aangezien de behandeling van de vordering naar het oordeel van de rechtbank een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert, en bepaalt dat de benadeelde partij haar vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.