Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
WONINGSTICHTING VAALS,
[gedaagde],
VERLOOP VAN DE PROCEDURE
MOTIVERING
het geschil
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Limburg
Stichting Vaals vorderde betaling van een huurachterstand van €672,93 van de huurster [gedaagde], met verwijzing in de proceskosten en erkenning als Europese Executoriale Titel. De huurverhouding was in 2012 beëindigd en de stichting stelde dat de huur was opgezegd per 26 mei 2013. De huurster betwistte kennisname van aanmaningen en ontving de dagvaarding pas op het moment van betekening.
De kantonrechter constateerde dat Stichting Vaals een onwaarachtige proceshouding aannam, essentiële informatie verzweeg en onvoldoende bewijs leverde van de verzending en ontvangst van incassobrieven. De stichting wilde koste wat kost een vonnis verkrijgen, terwijl een minnelijke oplossing mogelijk was geweest. De huurster had reeds betalingen gedaan en toezeggingen gedaan om het restant te voldoen.
De rechter oordeelde dat de vordering slechts gedeeltelijk toewijsbaar was voor een bedrag van €296,63, zonder rente, en wees de incassokosten af omdat niet was bewezen dat de huurster tijdig was geïnformeerd. Ook werd het verzoek tot een Europese Executoriale Titel afgewezen wegens gebrek aan belang. Stichting Vaals werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten, terwijl de huurster werd veroordeeld tot betaling van het saldo van de huurachterstand, rekening houdend met reeds gedane betalingen.
Uitkomst: Huurster wordt veroordeeld tot betaling van €296,63 en woningstichting tot betaling van de proceskosten wegens onwaarachtige proceshouding.