ECLI:NL:RBLIM:2013:CA0072
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing vordering tot betaling loon en wettelijke verhoging ondanks verrekeningsverweer relatiebeding
De eiser was sinds 1997 in dienst bij de rechtsvoorgangster van de gedaagde, die in 2012 failliet ging. Na het faillissement trad eiser op 1 juli 2012 in dienst bij de gedaagde voor zes maanden. De arbeidsovereenkomst eindigde op 31 december 2012. Eiser vorderde in kort geding betaling van het loon over december 2012, een vergoeding voor hypotheeklead en provisie, wettelijke verhoging, wettelijke rente en incassokosten.
De gedaagde erkende het loon verschuldigd te zijn maar stelde dat eiser het relatiebeding had geschonden door contacten met klanten, waardoor zij een boete kon verrekenen. De rechtbank oordeelde dat de gegrondheid van het verrekeningsverweer niet eenvoudig vast te stellen was en ging hieraan voorbij, waardoor de loonvordering werd toegewezen.
De wettelijke verhoging werd toegekend over het bruto-equivalent van het loon, en de wettelijke rente werd toegewezen vanaf de dag van verzuim. Ook de gevorderde incassokosten werden toegewezen. De gedaagde werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van loon, wettelijke verhoging, rente en incassokosten aan eiser.