Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De inhoud van het verzoekschrift
- € 2.225,38 voor de kosten van een raadsman;
- € 550,00 voor de kosten van een raadsman met betrekking tot de indiening en behandeling van dit verzoekschrift;
- € 12,88 voor de reiskosten.
Rechtbank Limburg
De rechtbank Limburg behandelde een verzoek tot vergoeding van kosten voor rechtsbijstand in een beklagprocedure ex artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering. Verzoekster had kosten gemaakt voor haar raadsman in verband met een klaagschriftprocedure en vroeg vergoeding van €2.225,38 voor raadsman, €550 voor het verzoekschrift en €12,88 reiskosten.
De rechtbank overwoog dat beklagzaken ex artikel 552a Sv juridisch eenvoudig zijn en een vast stramien volgen. Daarom achtte zij het passend forfaitaire bedragen toe te kennen, aansluitend bij de tarieven van artikel 89 Sv Pro-verzoeken. De forfaitaire vergoeding werd vastgesteld op €830 inclusief BTW, waarvan €550 voor rechtsbijstand en €280 voor het verzoek. Omdat verzoekster rechtspersoon is die BTW kan terugvorderen, werd het bedrag exclusief BTW toegekend, vermeerderd tot €454,55 exclusief BTW voor het verzoek om proceskostenvergoeding.
De rechtbank wees de reiskosten af omdat deze niet door verzoekster zelf maar door een belanghebbende waren gemaakt. Uiteindelijk kende de rechtbank een totaalbedrag van €909,10 exclusief BTW toe. Tegen deze beschikking staat hoger beroep open bij het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch binnen een maand na betekening.
Uitkomst: Verzoekster krijgt een forfaitaire vergoeding van €909,10 exclusief BTW voor kosten rechtsbijstand in beklagprocedure toegekend.