Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
€ 20.211,23 bruto (waarbij hij de kantonrechtersformule heeft gehanteerd en is uitgegaan van vijf gewogen dienstjaren, een loon van € 2.694,83 bruto per maand en een correctiefactor van 1,5). Op het verweerschrift met producties en de ter zitting gegeven toelichting zal hierna, voor zover nodig, nader worden ingegaan.
4.De beoordeling
€ 2.000,00 netto) en de leeftijd van [verweerder], acht de kantonrechter het billijk om aan [verweerder] ten laste van Eurema een vergoeding naar billijkheid toe te kennen van
€ 15.000,00 bruto.