Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De procedure
- de dagvaarding,
- de brief van Lindorff van 21 februari 2017 met producties,
- de mondelinge behandeling van 23 februari 2017,
- de pleitnota van Lindorff.
Rechtbank Limburg
Santander Consumer Finance Benelux B.V. verstrekte krediet aan eiser. Lindorff B.V. heeft de vordering van Santander gekocht en overgenomen, waarna zij conservatoir beslag legde op de woning van eiser. Dit beslag is inmiddels opgeheven. Eiser vordert in kort geding dat Lindorff het beslag opheft en de BKR-registraties verwijdert.
De rechtbank constateert dat het beslag reeds is opgeheven en dat Lindorff enkele BKR-registraties heeft verwijderd. Eiser betwist de rechtsgeldigheid van de overdracht van de vordering van Santander aan Lindorff en wenst dat Lindorff niet als kredietverstrekker in het BKR wordt vermeld. De rechtbank oordeelt echter dat eiser geen spoedeisend belang heeft bij wijziging van de naamsvermelding in het BKR of bij een uitspraak over de rechtsgeldigheid van de overdracht in kort geding.
De rechtbank laat de vraag naar de rechtsgeldigheid van de overdracht in het midden, mede omdat dit onderwerp in een bodemprocedure en bij de Geschillencommissie BKR aan de orde is. Proceskosten worden gecompenseerd doordat partijen hun eigen kosten dragen. De vordering wordt afgewezen.
Uitkomst: De vordering tot het opheffen van het beslag en het doorhalen van BKR-registraties wordt afgewezen wegens gebrek aan spoedeisend belang.