Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De beoordeling van het bewijs
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De straf en/of de maatregel
- de duur van de periode: voor 23 oktober 2016 is er alleen getongzoend en over de kleding heen gestreeld;
- de relatie slachtoffer-dader: beiden waren vrijwilliger bij het [naam jongerenwerk] ;
- het aantal slachtoffers: verdachte heeft enkel met het meisje seksuele handelingen verricht;
- de aard van de seksuele handelingen: er was orale seks, maar er is geen sprake geweest van een voltooid binnendringen met de penis in de vagina van het meisje;
- de verdachte moet verminderd toerekeningsvatbaar worden geacht.
damage control. Voor zichzelf welteverstaan. De rechtbank valt in dit verband op dat het meisje zich daarentegen in eerste instantie juist heel veel zorgen maakte om de gevolgen voor de verdachte, toen men haar op school de relatie had laten opbiechten. Het is een schrijnende gedachte dat een dertienjarig meisje zich in eerste instantie vooral om het welzijn van een zevenenveertigjarige man bekommert en de schuld bij zichzelf legt, terwijl haar werkelijk geen enkele blaam treft. Kennelijk had de verdachte haar goed doordrongen van het feit dat ze niets mocht zeggen. Dat ze zich uiteindelijk zo open en kwetsbaar heeft opgesteld verdient juist alle lof.
7.De benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
social mediahelemaal niet zo slecht gaat met het meisje. Zo blijkt dat zij nog steeds vaak verblijft bij het [naam jongerenwerk] , de plek waar de seksuele handelingen met de verdachte hebben plaatsgevonden. Het is een symptoom van ptss dat de plaats gemeden wordt waar de traumatische gebeurtenis heeft plaatsgevonden en dat is bij het meisje kennelijk niet het geval. Dat het meisje ptss heeft, is onvoldoende onderbouwd en wordt door de verdachte bij gebrek aan wetenschap ontkend.
8.Het beslag
9.De wettelijke voorschriften
10.De beslissing
- verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;
- spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde het strafbare feit oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;
- verklaart de verdachte strafbaar;
Straf
- veroordeelt de verdachte voor het bewezenverklaarde feit tot een gevangenisstraf van twaalf maanden, waarvan zes maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaren;
- beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van deze gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;
- bepaalt dat het voorwaardelijke gedeelte van de straf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat de veroordeelde voor het einde van de proeftijd:
- zich heeft schuldig gemaakt aan een strafbaar feit of
- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit geen medewerking heeft verleend aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of geen identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de Identificatieplicht ter inzage heeft aangeboden of
- veroordeelt de verdachte om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan de benadeelde partij, [slachtoffer] , wonende te [plaatsnaam] , te betalen € 5.477,18, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen over de periode van 1 november 2016 tot aan de dag van de volledige voldoening;
- veroordeelt de verdachte in de kosten door de benadeelde partij in het kader van deze procedure gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, begroot tot heden op nihil;
- legt aan de verdachte de verplichting op tot betaling aan de staat ten behoeve van het slachtoffer, [slachtoffer] , van € 5.477,18, bij niet betaling en verhaal te vervangen door 62 dagen hechtenis, met dien verstande dat de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen over de periode vanaf 1 november 2016 tot aan de dag van de volledige voldoening;
- bepaalt dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de staat in zoverre komt te vervallen;
- 1 GSM van het merk SAMSUNG, Sm-G901f, goednummer 863287;
- 1 computer van het merk Dell, goednummer 863297;
- 1 GSM van het merk Samsung, Sm-G900f, goednummer 863286;
- 1 computer van het merk Samsung, Np-R510, goednummer 863298;
- 1 computer van het merk Samsung, Np3007a, goednummer 863295;
- 1 schuurspons, goednummer 1091835;
- 1 schoonmaakdoekje, goednummer 1091838.