Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
Vonnis van de meervoudige kamer d.d. 5 oktober 2017
[verdachte] ,
Onderzoek van de zaak
De tenlastelegging
De beoordeling van het bewijs
Het standpunt van de officier van justitie
Het standpunt van de verdediging
- de onderhavige ladingdiefstal is gepleegd in de nacht van 23 op 24 februari 2017 omstreeks 23.50 uur, uit een op het Schoorgras te Beringe geparkeerde vrachtauto (trekker met oplegger);
- bij de diefstal zijn een aantal dozen met parfumartikelen weggenomen;
- op de camerabeelden is te zien dat een lichtkleurige gesloten bestelbus parkeert achter de oplegger, dat de oplegger wordt betreden en dat vervolgens de dozen van binnenuit de oplegger door een gat in het dekzeil werden uitgeladen en door een andere persoon in de bestelbus werden geladen;
- ter plaatse wordt een Mercedes Sprinter koelwagen met het gestolen kenteken [kenteken 2] staande gehouden waarin zich vier personen bevinden;
- de verdachte blijft in de bestelbus zitten als de bestuurder en wordt aangehouden;
- drie andere mannen verlaten de bestelbus via het bijrijdersportier en vluchten weg, twee daarvan worden ter plaatse nog aangehouden.
- in de laadruimte van de betreffende Mercedes Sprinter worden dozen afkomstig uit de oplegger aangetroffen.
De bewezenverklaring
De strafbaarheid
De straf
De vordering van de officier van justitie
Het standpunt van de verdediging
Het oordeel van de rechtbank
De wettelijke voorschriften
De beslissing
- verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;
- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;
- verklaart verdachte strafbaar;
- veroordeelt verdachte tot een
- beveelt dat indien verdachte de taakstraf niet naar behoren verricht, vervangende hechtenis zal worden toegepast van
- veroordeelt de verdachte tot een
- bepaalt dat de straf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat de veroordeelde voor het einde van de proeftijd zich heeft schuldig gemaakt aan een strafbaar feit.