Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
- primair: [slachtoffer] heeft geprobeerd te doden,
- subsidiair: die [slachtoffer] zwaar letsel heeft toegebracht,
- meer subsidiair: geprobeerd heeft die [slachtoffer] zwaar letsel toe te brengen,
- meest subsidiair: openlijk geweld heeft gepleegd tegen die [slachtoffer] .
3.De beoordeling van het bewijs en het verweer van de verdachte
- hersenkneuzing: twee kneuzing haarden in de voorste hersenkwabben;
- een scheurwond op het hoofd: hoofd recht-voor-boven (frontaal) schaafplek, overgaand in wat boogvormige scheurwond (geschat 6cm), schaafplek kneuzing rechter slaap doorlopend tot in de linker wenkbrauw, bloeduitstorting oog;
- linkerzijde, gelaat hoofd: schaafplek neus links, schaafplek/kneuzingen voorhoofd, schaafplek kneuzing jukbeen links, diepere put boonvormige wond (ca. 1cm x 4mm) in behaarde hoofdhuid links.
en [verbalisant 2](hoofdagent van politie Eenheid Limburg) relateerden – zakelijk weergegeven – als volgt: [6]
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De straf en/of de maatregel
- toepassing zal geven aan het zogenaamde adolescentenstrafrecht ex art. 77c Sr en
- de verdachte zal veroordelen tot 24 maanden jeugddetentie met aftrek van voorarrest, waarvan 8 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren en met bijzondere voorwaarden zoals geadviseerd door de reclassering.
7.De benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
- verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;
- spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;
- verklaart de verdachte strafbaar;
- veroordeelt de verdachte voor feiten 1 primair en 2 tot
- beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van jeugddetentie in mindering zal worden gebracht;
- zich aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt of
- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit geen medewerking heeft verleend aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of geen identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage heeft aangeboden of
- geen medewerking heeft verleend aan het jeugdreclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 77aa, eerste tot en met vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen,
bijzondere voorwaarden, waaraan de veroordeelde gedurende de proeftijd heeft te voldoen:
- geeft de jeugdreclassering opdracht toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden;
- beveelt dat de bijzondere voorwaarden en het toezicht door de jeugdreclassering dadelijk uitvoerbaar zijn;
Benadeelde partij en schadevergoedingsmaatregel
- wijst de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer] , ten aanzien van feit 1 toe;
- veroordeelt de verdachte om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan de benadeelde partij te betalen 7.561,64 euro, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen over de periode van 1 januari 2018 tot aan de dag van de volledige voldoening;
- veroordeelt de verdachte in de kosten door de benadeelde partij in het kader van deze procedure gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, begroot tot heden op nihil;
- legt aan de verdachte de verplichting op tot betaling aan de staat ten behoeve van het slachtoffer 7.561,64 euro, bij niet betaling en verhaal te vervangen door 30 dagen jeugddetentie, met dien verstande dat de vervangende jeugddetentie de betalingsverplichting niet opheft, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen over de periode vanaf 1 januari 2018 tot aan de dag van de volledige voldoening;
- bepaalt dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de staat in zoverre komt te vervallen;