Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De procesgang
2.Het standpunt van de officier van justitie
3.Het standpunt van de verdediging
de aardvan het voorwerp.
aardmaar om de
strekkingvan de goederen. De goederen zijn op zichzelf geen verboden voorwerpen. De goederen zijn legaal,
de aardis legaal, maar
de bestemmingkan mogelijk leiden tot een strafbaar feit. Dat is relevant omdat dit maakt dat de goederen zelf niet strafbaar zijn.
kunnen wordenvoor de hennepteelt, maar ook voor andere legale doeleinden. Dat betekent dat de goederen
niet bestemd zijnvoor de beroeps- of bedrijfsmatige hennepteelt. [bedrijf 1] als groothandel weet niet wat de uiteindelijke bestemming wordt, omdat zij slechts levert aan de legale tussenhandel.
4.De beoordeling
allegoederen die in beslag zijn genomen kunnen worden gebruikt voor de (al dan niet beroeps- of bedrijfsmatige) teelt van hennep. Daarbij is een groot deel van de goederen ook nodig voor het vervullen van één of meer van de indicatoren op de op Bijlage 1 van de Aanwijzing Opiumwet vermelde lijst. De rechtbank wijst daarbij met name op de inbeslaggenomen koolstoffilters, slakkenhuizen, assimilatielampen, armaturen, trimmers, transformatoren, lampenkappen, groeimiddelen, bewateringsbenodigdheden als regentonnen, druppelaars en bevochtigers, henneptassen, stekpoeder, stekblokjes, klimaatregelaars, isolatiefolie, ventilatoren en mapitovlokken.