ECLI:NL:RBLIM:2020:2392
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing dwangakkoord en afwijzing nihilstelling alimentatie in schuldsaneringsregeling
Verzoeker heeft de rechtbank verzocht een dwangakkoord op te leggen om zijn schuldeisers te dwingen in te stemmen met een schuldregeling die hij met behulp van schuldhulpverlening heeft opgesteld. De totale schuldenlast bedraagt circa €147.000, waarbij de grootste schuldeiser een bank is met een restschuld na verkoop van de woning.
Verweerder sub 1 weigerde in te stemmen met het akkoord, stellende dat nihilstelling van kinderalimentatie in een wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP) mogelijk is, waardoor meer middelen beschikbaar zouden komen voor schuldeisers. Verzoeker betoogde dat een dergelijke nihilstelling in België, waar de alimentatie wordt vastgesteld, niet haalbaar is en dat hij geen gefinancierde rechtsbijstand kan krijgen om dit te procederen.
De rechtbank oordeelde dat het aangeboden akkoord transparant en uitvoerbaar is, dat de nakoming voldoende is gewaarborgd en dat toelating tot de WSNP waarschijnlijk tot een lagere uitkering aan schuldeisers leidt vanwege bijkomende kosten. Het belang van verzoeker en de overige schuldeisers weegt zwaarder dan het belang van de grootste schuldeiser die weigert in te stemmen. Het verzoek tot oplegging van het dwangakkoord wordt daarom toegewezen, en het subsidiaire verzoek tot toelating tot de WSNP komt niet meer aan de orde.
Uitkomst: Verzoek tot oplegging van het dwangakkoord wordt toegewezen en schuldeisers worden bevolen in te stemmen met de schuldregeling gedurende 36 maanden.