Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De procedure
- de dagvaarding van 9 juli 2020
- de conclusie van antwoord
- de conclusie van repliek
- de conclusie van dupliek
2.Het geschil
3.De beoordeling
- gemachtigde salaris €
74,00(2 punten x € 37,00)
Rechtbank Limburg
De Paardenkliniek vordert betaling van een nota van €106,- voor diergeneeskundige behandelingen op 12 september en 1 oktober 2018, vermeerderd met €22,50 aan aanmaningskosten. Gedaagde voert verweer dat hij het consult van 31 juli 2018 al contant had voldaan en dat er prijsafspraken waren gemaakt, wat de Paardenkliniek betwist. De factuur van 1 september 2018, waarop gedaagde zich deels baseert, maakt geen onderdeel uit van het geschil.
De kantonrechter oordeelt dat gedaagde het bedrag van €106,- voor de behandelingen op 12 september en 1 oktober verschuldigd is, maar wijst de aanmaningskosten af omdat deze dubbel worden gevorderd. De gevorderde handelsrente wordt vervangen door wettelijke rente vanaf de vervaldatum 21 oktober 2018. De buitengerechtelijke incassokosten worden afgewezen vanwege het ontbreken van een correcte aanmaningstermijn.
De kosten van juridische bijstand worden eveneens afgewezen. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de hoofdsom met rente en de proceskosten van €285,20. Het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €106,- vermeerderd met wettelijke rente en proceskosten van €285,20, aanmaningskosten en incassokosten worden afgewezen.