ECLI:NL:RBLIM:2021:5202
Rechtbank Limburg
- Bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen weigering omgevingsvergunning voor gebruik en verharding percelen
Eiseres vroeg op 7 oktober 2019 een omgevingsvergunning aan voor het gebruik van haar percelen nabij een adres als tuin, speelweide en parkeerplaats, en voor het legaliseren van terreinverhardingen, grondkerende constructies en ophogingen.
Verweerder weigerde de vergunning omdat het gebruik en de werkzaamheden in strijd zijn met het bestemmingsplan en de kernkwaliteiten van het Nationaal landschap Zuid-Limburg. Eiseres stelde dat het besluit in strijd was met een eerder verleende vergunning uit 2018 voor een verharde uitweg, maar verweerder stelde dat het nieuwe verzoek en het eerdere besluit wezenlijk verschillen.
De rechtbank oordeelde dat het beroep ontvankelijk is en dat de eerdere vergunning niet is ingetrokken. De motivering van het bestreden besluit is niet strijdig met de eerdere vergunning omdat de aangevraagde en geweigerde verhardingen verschillen van de eerder vergunde uitweg. Ook handhaving tegen eerdere verhardingen doet niets af aan de rechtmatigheid van de vergunning uit 2018.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de omgevingsvergunning wordt ongegrond verklaard.