3.4.Berg en Dal vordert dat de rechtbank, bij vonnis, voor zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
Primair
1. voor recht verklaart dat er ten laste van het erf van [eiser in conventie, verweerder in reconventie] , te weten perceel kadastraal bekend [kadastrale aanduiding 2] en ten gunste van het erf van Berg en Dal, te weten perceel kadastraal bekend [kadastrale aanduiding 3] een erfdienstbaarheid (recht van overpad) bestaat waarbij het perceel van [eiser in conventie, verweerder in reconventie] als dienend erf en het perceel van Berg en Dal als heersend erf heeft te gelden,
2. [eiser in conventie, verweerder in reconventie] verplicht zijn medewerking te verlenen aan het vastleggen van de erfdienstbaarheid (recht van overpad) in een notariële akte door een door Berg en Dal aan te wijzen notaris waarbij de kosten door beide partijen zullen worden gedeeld en, indien [eiser in conventie, verweerder in reconventie] niet op eerste verzoek van Berg en Dal zijn medewerking hieraan verleent het in deze te wijzen vonnis als vervangende toestemming heeft te gelden en in plaats treedt van de vereiste wilsverklaring, medewerking en handtekening van [eiser in conventie, verweerder in reconventie] ter zake de door de notaris op te stellen akte met betrekking tot de gevestigde erfdienstbaarheid,
3. [eiser in conventie, verweerder in reconventie] verplicht de toegang tot zijn inrit vrij te houden op straffe van een dwangsom van € 1.000,00 voor iedere keer dat [eiser in conventie, verweerder in reconventie] de vrije doorgang naar het perceel van Berg en Dal blokkeert of op welke wijze dan ook belemmert en een bedrag van
€ 250,00 per dag dat de belemmering/blokkade voortduurt althans een door de rechtbank in goede justitie te bepalen bedrag,
4. [eiser in conventie, verweerder in reconventie] verbiedt het (laten) betreden van het erf van Berg en Dal, te weten perceel kadastraal bekend als [kadastrale aanduiding 3] , meer in het bijzonder de daarop gelegen en vanaf de openbare [straatnaam] bereikbare deel van de inrit, zulks op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 250,00 voor iedere afzonderlijke overtreding, althans een door de rechtbank in goede justitie te bepalen bedrag,
5. [eiser in conventie, verweerder in reconventie] veroordeelt in de kosten van deze procedure, waaronder begrepen de kosten van de advocaat, alsmede [eiser in conventie, verweerder in reconventie] veroordeelt tot betaling van de nakosten, met bepaling dat indien deze (na)kosten niet binnen 14 dagen na betekening van het vonnis zijn betaald, [eiser in conventie, verweerder in reconventie] daarover wettelijke rente is verschuldigd, vanaf dat moment tot aan de dag der algehele voldoening.