Eiser had bezwaar gemaakt tegen een besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Sittard-Geleen waarin een maatwerkvoorziening voor huishoudelijke ondersteuning werd toegekend voor 276 minuten per week. Na een eerdere procedure waarin het bezwaar en beroep ongegrond waren verklaard, werd opnieuw beroep ingesteld tegen het bestreden besluit dat het bezwaar ongegrond verklaarde.
De rechtbank stelt vast dat verweerder bij het bestreden besluit de normtijden voor huishoudelijke ondersteuning op inzichtelijke wijze heeft gemotiveerd, gebaseerd op het HHM-onderzoek en het CIZ-protocol. Eiser heeft zich in het beroepschrift beperkt tot verwijzingen en herhalingen van eerdere bezwaren zonder nadere motivering, waardoor de beroepsgrond niet slaagt.
Verder oordeelt de rechtbank dat het bezwaar over een vermeende dubbelrol van Bureau HHM ongegrond is, aangezien deze geen rol speelde bij het vaststellen van tarieven. Ook leidt het argument dat coronamaatregelen tot een hogere indicatie zouden moeten leiden niet tot een ander oordeel. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.