Uitspraak
Rechtbank Limburg
1.Het verdere verloop van de procedure
2.De verdere beoordeling
Marriage Certificateen het daarbij behorende
Stipulated Conditions(hierna: de huwelijksakte) daterend van
of in een ander bindend document.
Concluderend kan gesteld worden dat het Iraanse recht een zeer beperkte ruimte laat voor het herijken en/of corrigeren van het recht van de vrouw op de bruidsgave wanneer de vrouw hiermee niet instemt en/of wanneer er niet (buitengerechtelijk) wordt ‘geschikt’. Gaat het om een vordering van boven de 110 Bahar azadi goudstukken (ca. € 30.000,-), dan dient er te worden geprocedeerd en kan de draagkracht van de man worden meegewogen in de rechterlijke beslissing over vorderingen met betrekking tot de (uitgestelde) bruidsgave die nog hoger liggen. Een aflossing in termijnen is dan, bijvoorbeeld, mogelijk. De vordering van de vrouw voor het surplus blijft evenwel opeisbaar vanaf het moment dat de man weer voldoende draagkracht of financiële ruimte heeft voor het aflossen van de bruidsgave.”
Dat bevreemdt de vrouw, nu zij natuurlijk heel goed weet wat zij heeft meegenomen en wat niet.” Dit tegen de achtergrond van het feit dat de vrouw onbestreden heeft gelaten de stelling van de man dat zij haar vertrek ruim van tevoren heeft voorbereid en zonder de man heeft gepland zodat het volgens de man in de lijn der verwachting ligt dat zij al haar privé spullen heeft meegenomen. Derhalve kan niet worden geconcludeerd dat door toedoen van de man deze spullen niet meer aan de vrouw kunnen worden teruggegeven zodat de vrouw geen recht heeft op schadevergoeding. Het verzoek van de vrouw ligt derhalve voor afwijzing gereed. Dat zal bij eindbeschikking in het dictum worden beslist.