De gemeente Heerlen verzocht de rechtbank om een verhaalsbijdrage vast te stellen voor de door haar verleende bijstand aan de moeder van drie minderjarige kinderen. De man, vader van de kinderen, betwistte de hoogte van de bijdrage en voerde onvoldoende draagkracht aan.
De rechtbank oordeelde dat de man onderhoudsplichtig is en dat de gemeente ontvankelijk is in haar verzoek. De ingangsdatum van de alimentatieverplichting werd vastgesteld op 1 juli 2021, met een splitsing in twee periodes vanwege het inkomen van de man en de geboorte van het derde kind.
De behoefte van de kinderen werd berekend als het gemiddelde van de behoefte op basis van het inkomen van beide ouders, waarbij rekening werd gehouden met het feit dat de ouders nooit hebben samengewoond. De draagkracht van de man werd berekend volgens de methodiek van de Expertgroep Alimentatie, waarbij ook een zorgkorting werd toegepast voor de zorg die de man verleent.
De rechtbank stelde de verhaalsbijdrage vast op €178 per maand voor de periode 1 juli 2021 tot 31 december 2021 en €50 per maand vanaf 1 januari 2022, en verklaarde de beschikking uitvoerbaar bij voorraad. De proceskosten werden ieder voor eigen rekening genomen.